Asbest in bodem

Doel van een asbestonderzoek conform NEN-5707, is het na te gaan of de bodem is verontreinigd door asbest. Een asbest in bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform NEN-5707. Het veldwerk wordt uitgevoerd conform BRL2000, VKB protocol 2018.

Een asbestonderzoek kan gecombineerd worden uitgevoerd met een regulier verkennend bodemonderzoek (conform NEN-5740). Er wordt onderscheid gemaakt tussen een verkennend onderzoek en een nader onderzoek naar asbest in bodem.

Bij een verkennend bodemonderzoek asbest wordt met een relatief geringe onderzoeksinspanning nagegaan of een verdenking van bodemverontreiniging door asbest terecht is. Als uit het vooronderzoek blijkt dat de bodem van de locatie asbest bevat, kan het verkennend onderzoek worden overgeslagen en kan direct een nader bodemonderzoek asbest worden uitgevoerd.

Als bij het verkennend onderzoek asbest in of op de bodem is aangetroffen, wordt een nader bodemonderzoek asbest uitgevoerd. Het doel van het nader onderzoek is het bepalen van het gemiddelde gehalte asbest per ruimtelijke eenheid en eventueel het nader vaststellen van de omvang van de verontreiniging.

Afhankelijk van het soort onderzoek (verkennend of nader) en de aard van de onderzoekslocatie wordt het asbestonderzoek uitgevoerd door middel van visuele inspecties en het graven van inspectiegaten of korte of lange inspectiesleuven. Uit de uitgegraven grond worden asbestverdachte materialen verzameld en steekproefsgewijs monsters genomen.

De materialen en grondmonsters worden in een door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerd laboratorium geanalyseerd op het voorkomen van asbest. Aan de hand van de resultaten van veld- en laboratoriumonderzoek kan worden vastgesteld of de bodem verontreinigd is door asbest (verkennend onderzoek) en in welke mate (nader onderzoek). 

Terrascan – Voor grondonderzoek en bij bodemverontreinigingen - grondsanering